De geschiedenis van Italie


Lang geleden waren de Romeinen de baas binnenin Italië, maar doordat het volk zich begon te verzetten in de vijfde eeuw na Christus viel heel het Romeinse rijk uit één. Dit rijk vormde na het vallen van Italië, enkele staten. De belangrijkste staat die gevormd werd was Rome, dit noemden men de pauselijke staat. Dit gebied werd honderden jaren lang door de paus onder handen genomen. Steden Napels en Florence werden benoemd tot hoofdstad van hun eigen ontworpen land.



Het grote probleem was dat het Italiaanse volk niet akkoord was met deze staten, zij wouden terug één groot land hebben. Zij streden enkele jaren lang tot alle staten tot één land werd gevormd. Dit land noemden ze Italie. Zelfs de paus van dat moment moest zijn eigen stuk land afgeven aan Italië. Maar omdat ze zeer gelovig waren hebben ze de paus een deel van Rome gegeven, een heel klein stukje. Dit stukje was Vaticaanstad dat nog steeds bestaat. Vaticaanstad is niets meer dan één kerk (de sint-pieterskerk). Zo is er nog één staat tot stand gehouden, San Marino. Deze staat is nu één van de duurste steden van de wereld geworden.

In de jaren 25 was er iemand die alle macht wou hebben, mussolini. Hij was de man die de grote baas was van een klein groep mensen, het was een echte alleenheerser. Het was een zeer strenge persoon die wou dat iedereen naar hem alleen luisterde. Zoniet, dan kon het je leven kosten. Tot hij in zijn hoofd kreeg om oorlog te gaan voeren tegen Ethiopie en Albanië. Maar de oorlogen had hij verloren waardoor italië een slechte naam kreeg.

Mussolini bleef tegendraads werken en ging tijdens de tweedewereldoorlog de Duitsers helpen. De inwoners van italië werden kwaad en kamen terug in opstand. In de jaren 43 hadden ze hem eindelijk te pakken en hebben ze hem gevangen genomen. Toen hij twee jaar later probeerde te vluchten hebben ze hem gedood. Na de tweedewereldoorlog is Italië een grote republiek geworden.